Doorgaan naar hoofdcontent

Sportpoli Hoorn

Eens in de acht weken ben ik er. De sportpoli in het West Fries Gasthuis. Op maandagmiddag. Tegelijkertijd draaien de sportarts en de orthopeed een poli, en acht enthousiaste sportfysiotherapeuten draaien onbezoldigd mee. Inderdaad, zonder enige inkomsten. Gewoon omdat het leerzaam is om samen te werken, maar ook omdat we vakidioten zijn!

Meestal draai ik de poli met de sportarts. En hoewel de sportpoli voor acuut sportletsel is, komen er vaak mensen met al langer bestaande klachten. Bijna logisch, want dat is volgens de V.S.G. (de beroepsvereniging van de sportartsen) hun werkdomein.

Gisteren was weer zo'n dag. Samen met Huib Plemper, deze keer de dienstdoende sportarts een reeks interessante patiënten gezien. Tijdens de anamnese, geleid door de sportarts, is er genoeg ruimte voor mijn inbreng. En ook tijdens het onderzoek kom ik dan aan de beurt. Vaak zijn het jonge patiënten, maar veelal mensen met ingewikkeldere klachten. Heerlijk om dan mee te denken in de oplossing. En ik moet eerlijk zeggen dat ik soms denk; "heerlijk, geef mij die patiënt"!

De sportpoli is een goed initiatief. Hoewel het vast nog beter geregeld kan worden. Het zou nog meer een filter kunnen zijn voor de orthopedie, om te zorgen dat de juiste mensen daar instromen. En de rol van de sportfysiotherapeut zou meer beloond kunnen worden? Los daarvan is het een topinitiatief, met het bewijs dat de zorg in Nederland ook mooi kan zijn!

Reacties

Populaire posts van deze blog

Aauww…

 Ik dacht dat ik wel wist hoe het was om afscheid te nemen. Ik dacht dat ik wel wist hoe het is om met verlies om te gaan. Ik was al jong toen ik begreep dat doodgaan onderdeel van LEVEN is. We gaan allemaal dood, ik ook. Toen mijn broer vijf jaar geleden overleed, was ik getuige van de impact op mijn ouders. De oerkrachten die in ze loskwam, gekoppeld aan een verdriet dat gelardeerd werd met het onnatuurlijke besef dat hun kind eerder ging dan zij. Maar toch vonden ze de kracht om verder te leven. Konden ze soms ook weer genieten en ontdekten ze dat geluk in kleine dingen of momenten zit. Het bracht ze dichter bij elkaar, verbonden door een gemeenschappelijk verlies.  Ik ging zelf meer begrijpen hoe het voor anderen zou voelen. Ik ging vragen stellen zoals de vraag die ik aan mijn vader stelde. “Hoe was het eigelijk voor jou om je broer te verliezen?” Hij was zijn jongste broer op  vergelijkbare leeftijd verloren, en na het verlies van mijn broer begreep ik pas zijn pijn...

Afscheid nemen doet pijn

Het was op een stormachtige avond dat ik gebeld werd. Ik wist meteen wat er aan de hand was. Ik lag net te slapen, maar nu was het zaak van opstaan en vertrekken. Corona was zo hevig aanwezig dat we eigenlijk de weg niet op mochten. Er was een avondklok. Maar dit was belangrijker, dus samen met mijn vader en moeder zijn we naar het ziekenhuis in Amersfoort gereden. De rit was onwezenlijk. Je weet wat er te wachten staat, maar als het moment dan zover is en de realiteit je inhaalt, dan is er niks anders dan berusting en verdriet. Eenmaal aangekomen bij het ziekenhuis, hebben we de auto vlak voor de ingang van de EHBO geparkeerd. Het was midden in de nacht dus alle ruimte. Bij binnenkomst werden we snel naar de juiste kamer geleid en daar lag hij dan… Omdat hij uitbehandeld was, was hij een aantal weken daarvoor naar huis gestuurd. Het gaf mij de kans om alles te bespreken. Alles over vroeger, alles over nu, alles wat ons dwarszat, maar ook de kans om te zeggen dat ik van hem hou. Jammer...

Zonder onze leeuw!

 Hij kwam bij me omdat hij pijn in zijn knie had. Maar het was een doelbewuste actie. Tijdens het uitlaten van zijn honden, had hij me wel eens zien lopen met een groeppie, en dat leek hem ook wel wat. Eerst herstellen was mijn advies. Maar hij had haast en kon niet wachten met aansluiten. Zijn enthousiasme was toen al bijna niet te temperen. Zo heb ik hem eigenlijk alleen maar gekend. Zijn geduld werd beloond, en de donderdag avond was de eerste kennismaking met de groep. Na één training was hij eigenlijk al een vast onderdeel van de groep. Op de zondag kon hij nog niet mee, dan loop ik al met twee andere vrienden. Maar met jouw knie is dat op dit moment ook te ver vriend was mijn antwoord. Toch liep hij frequent, bijna te toevallig, met zijn hondjes op de plek waar wij onze ronde begonnen. Een paar weken later liep hij ons opeens tegen het lijf in hardloopkleren. "Nou, dan loop ik meteen toch ff een stuk mee!"; was zijn mededeling. En dat terwijl wij net een lange training ...